CIRKLABO-festival door het oog van Samuel Pennynck: Place/make

Samuel Pennynck schreef een artikel over CIRKLABO-festival. Hij studeert Theaterwetenschappen aan de UGent. Tien jaar lang deed hij circus. Nu voert hij niet langer uit maar schrijft hij over circus, o.a. voor Etcetera .”

>> lees hier het volledige artikel van Samuel Pennynck

PLACE/MAKE

Place/make is een work-in-progress van circusartieste Melody Nolan (VS) en kunstenaar/filmmaker Omer van Soldt (NL). De opvoering vindt plaats achter een grote glazen wand; de zijingang van de Leuvense Schouwburg. Het publiek staat buiten op straat en kijkt door de poort heen als kijkkader naar de glazen deuren. Daarbij horen de onvermijdelijke stadsgeluiden, winkelbezoekers en toevallige voorbijgangers. Een mooie toevoeging aan het onderwerp dat ze aankaarten: de stad Leuven en de stad als concept. Het enige dat het publiek niet hoort is Nolan zelf. Behalve enkele omvallende bakstenen is er geen geluid te horen, wat een afstand creëert tussen kijker en performer. Maar dat is precies goed. Want nu en dan verdwijnt het zicht op Nolan en haar activiteiten door de stoomgordijnen die de ramen volledig doen bedampen en, pas nadat ze de ramen terug dampvrij maakt met een raamtrekker, komt ze terug. Op de momenten dat de ramen bedampen en de spots erop schijnen, wordt de video-projectie van Omer van Soldt zichtbaar. Op die video’s zijn (non-artificiële) vallende keien te zien. Onregelmatig komt daar een hand bij die erdoor graait en ze opheft. Op die momenten creëren Nolan en van Soldt het gevoel dat we de performer even kwijt zijn, maar dat blijkt niet zo te zijn. Ze tovert zichzelf iedere keer opnieuw terug met de raamwisser. De momenten dat ze weg is, wordt je als publiek erg bewust van de stedelijke omgeving.

Alsof het publiek zapt van zender naar zender zijn doorlopend korte scènes te zien. In één van die scènes loopt Nolan op een aantal stapels bakstenen. De artificiële tegenhanger van de keien. Door de tegenstelling met de natuurlijke stenen en in samenwerking met de reële stedelijke soundscape verwijzen de bakstenen naar de grootstedelijke stad. Zij loopt eroverheen maar heeft ook de bakstenen nodig. Ze vormen een pad en zo wordt haar richting bepaald. Een wisselwerking ontstaat, net als de echte grootstedelijke stad gemaakt is om ons te sturen, richting te geven. Misschien iets te veel soms, maar dat lijkt niet direct wat Nolan ermee vertelt. Iets later bouwt ze een piramidestructuur en zien we haar balanceren op één hand op de top van de piramide. Het publiek is in de stad, waar de performer zich er net niet in bevindt, maar er toch mee speelt door met de bakstenen in interactie te gaan als metafoor van die stad. In de handstandscène heeft Nolan de controle over stad, en niet omgekeerd, maar toch hebben de bakstenen een blijvende vorm van agency. Ze dragen haar immers, en als ze het zouden begeven, zou Nolan op de grond vallen. Maar dat gebeurt niet. In een andere scène bouwt ze een nieuwe constructie waarbij de bakstenen één voor één rechtop op de vloer staan, een nog letterlijkere representatie van de ‘ideale grootstedelijke stad’ vol woontorens en wolkenkrabbers. Ook hier gaat ze over heen wandelen, met finesse. Door de verhouding tussen haar grote lichaam in vergelijking met de kleine bakstenen lijkt ze een reus die over de torens loopt. Toch voelt het als een herhaling van wat ze eerder deed met de piramidestructuur. Bij het kijken komt de bedenking op dat ze zichzelf in een etalage stelt. Etalages zijn er om zaken te presenteren aan een potentiële koper. Wil Nolan hier zichzelf als artiest verkopen, de voorstelling, kunst op zich of haar ideeën? Dat wordt niet duidelijk. Naar het einde toe bouwt ze een bakstenen ‘troon’ waar ze zelf op gaat zitten. Maar naarmate ze blijft stapelen terwijl ze op de ‘troon’ blijft zitten, verandert de troon in een put, gelijkend op een oude waterput. De voorstelling eindigt wanneer voor de laatste keer de dampers aanspringen en alles verdwijnt. Dan wist ze het vocht en buigt ze.

De grootstedelijke stad is één van de thema’s waarrond CIRKLABO dit jaar werkt. Het gaat samen met de makers op zoek naar manieren om anders om te gaan met die omgeving en het te gebruiken om in, op en rond te performen. Het work-in-progress van Melody Nolan en Omer van Soldt, die overal opgevoerd kan worden en slechts glazen deuren of ramen vraagt, is erin geslaagd het thema van de grootstedelijke stad aan te kaarten door zich er middenin te bevinden en te spelen met metaforen, maar kan het systeem als dusdanig niet volwaardig bekritiseren.

© Wieba Photography